Afscheid van een technocraat (Vooruitblik 2014)

Zoals bekend zit de termijn van José Manuel Barosso als voorzitter van de Europese Commissie er bijna op. Om te zeggen dat hij niet zal worden gemist is een ‘understatement’ van heb ik jou daar. “Hij zet geen lijnen uit; hij reageert”, “Hij is het boegbeeld van de Brusselse technocraat die niet weet wat speelt buiten Brussel”, “Hij liep eigenlijk altijd achter de feiten aan en drukte ook geen eigen stempel op de ontwikkelingen” – veel mildere kwalificaties zijn op internet niet te vinden.

Barosso is, kortom, een ‘technocraat’. Het tegendeel van een ‘visionair’ à la de ons zo jammerlijk ontvallen Mandela, zo heet het. In het beste geval een ‘realpolitiker’, voor wie het doel de middelen heiligt en die (dus) de middelen op het doel afstemt. In het slechtste geval een robot, die op de automatische piloot regeert, omdat dat nu eenmaal zo is afgesproken, omdat hij een bureaucraat is die niet verder kijkt dan zijn op consensus afgestemde elitaire neus lang is, die niet verder denkt dan de volgende verkiezingen en het politieke gewin dat hij kan behalen. Geen echte leider, maar een bestuurder die de boel een beetje bij elkaar houdt – en dat in een tijd van crisis, waarin besluitvaardigheid en daadkracht bij politici nu juist zo hard nodig zijn. Of zoiets.

In die afkeer van ‘technocraten’ zit natuurlijk wel wat. Ja, visionaire leiders zijn belangrijk (en nu maar hopen dat het Mandela’s zijn, en geen visionairen als Pol Pot, Mao, Stalin en Hitler. Een verkeerde visie is ook een visie, nietwaar). En een technocraat aan roer van een organisatie is niet altijd even verstandig (zeker niet in een tijd die om ingrijpende veranderingen vraagt). Maar het onderscheid tussen de visionair en de technocraat is wel erg gekunsteld, wel erg zwart-wit. En zonder technocraten gaat het niet.

Want:

– Een goed idee, een verheven visie, een doel valt of staat bij de uitvoering. Een inspirerende leider zonder volgelingen – uitvoerders, doeners – is gewoon een praatjesmaker. Zonder mensen die gewoon hun werk doen, verandert er niets. Een visie is dan weinig meer dan een dagdroom. Het alfa-diertje bij apen kan zijn groepsgenoten niet een willekeurige richting opsturen. Als hij te ver voor de troepen uit loopt, raakt hij geïsoleerd, en boet hij aan gezag in. Hij moet de groep steeds een paar stapjes voorblijven, en pas verder op de ingeslagen weg gaan als blijkt dat hij voldoende draagvlak heeft. Kortom: een visionair leider weet zijn visie te doseren en af te stemmen op zijn minder visionaire volgelingen. Hij is ook een technocraat, die ervoor zorgt zijn visie werkelijkheid wordt.

– Een visie gaat niet altijd vooraf aan de uitvoering. Soms is het juist andersom: uit de alledaagse gang van zaken kunnen visionaire ideeën opborrelen. Zoals in de wetenschap theorie en praktijk elkaar kunnen voeden, zo kunnen de visionair en de technocraat elkaar inspireren. Goede ideeën, zeggen ze wel eens, ontstaan onder de douche of in bad, als je even afstand kunt nemen van de dagelijkse routine. Kijk maar naar Archimedes en zijn ‘Eureka-moment’ in bad. Misschien. Maar zonder de dagelijkse routine – maanden van piekeren over hoe je volume kunt meten – was er helemaal geen ‘Eureka-moment’ geweest, alleen een man die in een vol bad was gestapt. De technocraat in Archimedes baande de weg voor de visionair.

Dus als Barosso straks wordt opgevolgd door een visionair – is dat hopelijk iemand die de kille technocratie een warm hart toedraagt. Of er op z’n minst een verstandshuwelijk mee wil aangaan – een technocratisch huwelijk, moet ik misschien zeggen. Lang leve Christine Lagarde!

Deel:

Geef een reactie