Hij en ik (Ter nagedachtenis aan Bram Vermeulen)

Hij en ik (Ter nagedachtenis aan Bram Vermeulen)

“Een groot man is ons deze week ontvallen.

Ik heb allerlei persoonlijke herinneringen aan hem. Ik zal er niet verder op ingaan (daar zijn ze ook te persoonlijk voor), maar neemt u van mij aan dat het gouden herinneringen zijn.

Ik ken allerlei mensen die hem ook hebben gekend. Zij missen hem ook. We zullen nooit meer dezelfde zijn. Het is leeg zonder hem. Een tijdperk is ten einde.

Wat was hij miskend. Niet door mij, natuurlijk. Dat ik nooit enige aandacht aan hem heb besteed, zegt niets. Hij was een goed bewaard geheim, en ik heb meegeholpen dat geheim goed te bewaren. Samen met de andere leden van dat selecte gezelschap van fijnproevers, die ook maar heel zelden hun waardering voor de man lieten blijken. Maar wat bewonderden wij hem!

Wij wel. Bij het grote publiek is zijn werk echter nooit aangeslagen. Wat mij weer sterkt in de overtuiging dat zijn werk wel heel bijzonder was. Want voor alles wat populair is, haal ik mijn neus op. Ja, ik ben zeer onafhankelijk en eigenzinnig in mijn oordeel.

Misschien is hij ook nooit echt doorgebroken vanwege zijn aangeboren bescheidenheid (hoe anders dan Freek, over wie ik trouwens ook veel kan vertellen). Want bescheiden was hij. En enthousiast. En begaan met het lot van de medemens. En filosofisch ingesteld. En dapper. Een groot mens. Een reus die niet werd begrepen door de dwergen die hem omringden.

Het is jammer dat ik zijn platen niet bezit. Ze zullen ook wel niet meer handel verkrijgbaar zijn. Ja, misschien in Belgiƫ, maar u zult me wel niet kwalijk nemen dat ik geen moeite doe ze op te sporen. Ik moet ook nog werken.

Enfin. Het zij zo. Zijn werk leeft voort. Jammer genoeg schiet me zo gauw geen nummer van hem te binnen dat ik u kan aanraden. Maar in de knipselmap vond ik (evenals al die andere fijnproevers die Bram nu herdenken) een tekst die wel aardig is:

Ik heb een steen verlegd, in een rivier op aarde
Nu weet ik dat ik nooit zal zijn vergeten!
Ik leverde bewijs van mijn bestaan,
Omdat door het verleggen van die ene steen,
De stroom nooit meer dezelfde weg zal gaan.

U dacht altijd dat dit van Paul was (die ik overigens ook goed ken), maar ik wist natuurlijk wel beter. Ik heb het u er nooit op gewezen, want zo gaat dat niet. Pas als iemand er niet meer is, vertel ik u alles wat u over hem had moeten weten. ”

Deel:

Geef een reactie