De kleine dingen (Over Het Kristalpaleis van Peter Sloterdijk)

De kleine dingen (Over Het Kristalpaleis van Peter Sloterdijk)

’t zijn de kleine dingen die ’t ‘m doen, zo wil het clich├ę. Waar, erg waar. En dat de kleine dingen ’t ‘m doen komt doordat de grote dingen geen kans krijgen om ’t ‘m te doen. Grote dingen pakken we naar behoren aan. Grote problemen lossen we op of we ontlopen ze, grote kansen grijpen we, we zoeken mensen op die in hoofdlijnen bij ons passen, we stellen onze prioriteiten. Zo krijgen de kleine dingen van ons alle ruimte om ’t ‘m te doen.

Grote dingen vallen op. Nee, het is niet moeilijk het grote kaf van het grote koren te scheiden. Geeft iemand tijdens een gesprek blijk van radicaal religieus fanatisme (en we waren al op onze hoede door de donkere huidskleur, de gebrekkige uitspraak van het Nederlands en de on-Westerse kleding)? Dan mijden we die persoon toch. En wanneer blijkt dat hij inderdaad een terroristische aanslag voorbereidde, dan hebben wij er in elk geval niets mee te maken.

We zijn zo goed berekend op de grote dingen, dat de grote dingen ver-van-mijn-bed dingen worden, en de kleine dingen ons leven gaan bepalen. Onze vrienden hebben geringe aanleg voor zware criminaliteit, hebben geen grote geestelijke afwijkingen, en ach ja, ze zijn best toonbaar. Maar de ene vriend praat te hard, de ander zaagt maar door over zijn hobby en bij weer een ander groeien de haren uit zijn neus.

In een bespiegelende bui willen nog wel eens beweren dat de kleine dingen eigenlijk grote dingen symboliseren. Goede omgangsvormen staan voor ‘tolerantie’, uiterlijk schoon voor ons streven naar ‘perfectie’. Maar eigenlijk weten we wel beter: het zijn kleine dingen, die alleen maar belangrijk zijn omdat wij ze belangrijk maken.

Zo klein dat we ze meestal niet eens kunnen duiden. Hoe komt het dat we met de ene veel beter kunnen opschieten dan met de ander, terwijl ze allebei aan alle eisen voldoen die we maar kunnen verzinnen? Zelfde smaak, zelfde opvoeding, zelfde ruimdenkende denkbeelden en ja, ons gevoel voor humor hebben ze ook allebei – en toch ligt de een je veel beter dan de ander. We begrijpen er niets van, zo piepklein zijn die dingen. Ze zijn zo klein, de kleine dingen die ’t ‘m doen, dat we er geen vat op krijgen en we niet kunnen voorkomen dat de kleine dingen ons wat doen.

De filosoof Peter Sloterdijk vergelijkt de moderne, open Westerse samenleving met een ‘kristalpaleis’: een transparante, verlichte ruimte waarbinnen het prettig toeven is, waar de minder bedeelden der aarde van buiten naar binnen kijken. Het is een mooi beeld, maar is het beeld van een kas of een terrarium niet veel toepasselijker? De kou is buitengesloten en binnen is het behaaglijk warm – zolang de zon niet al te hard schijnt en de verstikkende kleine dingen ons de das om doen.

Deel:

Geef een reactie