In gesprek met Bibeb (Ze kijkt me onderzoekend aan)

In gesprek met Bibeb (Ze kijkt me onderzoekend aan)

Vlak voor haar dood gaf de befaamde, van de week overleden publiciteitsschuwe interviewster Bibeb zelf nog een laatste interview weg. Een nu al spraakmakend gesprek.

“Heb ik je al verteld dat ik niet zo’n fan van je werk ben?”, vraag ik.
(Voor een gesprek als dit heb je eigenlijk een empathisch interviewer nodig. Empatischer dan ik, in elk geval. Iemand met interesse in mensen. Of op z’n minst interesse in mensen met interesse in mensen. Nou ja, op z’n minst interesse in Bibeb dan. We kijken elkaar onderzoekend aan. Zou ze mijn onzekerheid op mijn gezicht aflezen?)

“Niet dat ik geheel onsympathiek tegenover je werk sta”, ga ik verder.
(En dat lieg ik niet. Waarom ook liegen? Iemand met haar ervaring zou me meteen door hebben, denk ik. Ondertussen drukt ze haar sigaret uit. Ze staat op, sleept haar tengere lichaam de kamer door. Ze kijkt me onderzoekend aan…. Zal ik haar zeggen dat ik haar wel als een onafhankelijke geest beschouw. Misschien toch maar niet, dat kan verkeerd vallen, en het toch al wankele evenwicht dat tussen ons is ontstaan verstoren.)

“Alleen… ”
(Ze schenkt zichzelf een glas wijn in, zonder mij iets aan te bieden. Ik overweeg haar te vertellen dat ik al die regieaanwijzingen in haar artikelen potsierlijk vind, dat haar veel te lange verhalen kop noch staart hebben – streams of unconsciousness, zal ik maar zeggen -, dat ik niet begrijp waarom haar gesprekken altijd zo nodig over ‘de mens achter…. ‘ moeten gaan (ik bedoel maar, als je een politicus interviewt of een andere grauwe persoonlijkheid interviewt, waarom dan niet over zijn vak – over zijn privéleven heeft zo iemand echt niets te melden), dat ze met die eeuwige vraag-antwoordvorm zichzelf nodeloos heeft beperkt. Maar dan schenkt ze me toch in. Ze kijkt me onderzoekend aan. Er lijkt iets van een glimlach op haar gezicht te verschijnen).

“… volgens mij…. ”
(Ik neem een slok en hou me in. Zal ik haar iets vragen over haar interviewtechnieken? Waar een andere interviewer vragen zou stellen of stellingen poneren om een discussie op gang te brengen, praatte zij honderduit over zichzelf, uren lang, soms zelfs dagen – totdat het murwgebeukte slachtoffer wat mompelde omdat hij ook eens wat wilde zeggen. Zo kreeg ze de meeste intiemen bekentenissen los. Zou ze dat expres hebben gedaan, of kon ze niet anders, vraag ik me af. Ik kijk haar onderzoekend aan.)

“Ja, volgens jou”, zegt ze.
(Ze kijkt door me heen. Ze schenkt zichzelf nog een glas wijn in.)

(Geïnspireerd op het artikel ‘Hoe goed was Bibeb echt?’ op de site Welingelichte Kringen)

Deel:

Geef een reactie