Nashville: een soap als een song (Uren met Netflix – 1)

Wie Netflix heeft, kan zomaar verdwalen in een serie die verder niemand kent. Mij overkwam het met Nashville, een serie over countrymuzikanten. Mijn eerste reactie was: goede muziek, een matig, soapachtig verhaal – en zodoende een aardige serie, maar niet meer dan dat. Maar na twee seizoenen denk ik dat dit veel te simpel was geredeneerd.

Nashville ontleent zijn kracht aan de acteurs die op hoog niveau kunnen zingen en/of musiceren. Hoofdrolspelers Connie Britton en Hayden Panettiere zijn echt spectaculair als de gevestigde countryster Rayna James en de ‘upstart’ Juliette Barnes, die het in All About Eve-achtige scènes tegen elkaar opnemen.

De andere acteurs doen hier nauwelijks voor onder; vooral Clare Bowen en Sam Palladio maken indruk als integere singer-songwriters die met vallen en opstaan carrière maken in de muziek. Jammer dat ze maar een paar afleveringen als duo optreden: ze zijn echt ijzersterk samen, luister maar eens naar het nummer Fade Into You. Als je niet beter wist, zou je denken dat die twee jarenlang in het diepe zuiden van de VS hebben samengeleefd op een streng dieet van Hank Williams, Loretta Lynn en Gillian Welch en dag in, dag uit hebben geoefend op hun tweestemmige zang. Terwijl het gewoon twee acteurs zijn – een Engelse en een Australische, nota bene – die goed kunnen zingen en van wie de stemmen wonderwel bij elkaar passen – stemmen die ‘bestemd’ zijn voor elkaar.

De acteurs in Nashville zijn zo goed, dat ze erin slagen wat menig vooraanstaand countrymuzikant niet voor elkaar krijgt: liefde voor de countrymuziek wekken.

Want laten we wel wezen, het is voor een nuchtere buitenstaander moeilijk te genieten van veel countrymuziek. Geen wonder dat het genre in Nederland zo onpopulair is, Ilse de Lange, Waylon en The Amazing Stroopwafels ten spijt: country is niet cool. Country is muziek van typisch Amerikaanse grote gebaren en heftige emoties. Weinig subtiel, en in onze oren vaak te zeer ‘over the top’ en te karikaturaal om te kunnen ontroeren.

De verdienste van Nashville is dat je gaat begrijpen waarom die muziek zo is, en nog gaat waarderen ook. Die muzikanten zijn nu eenmaal zo, leer je: emotionele en kwetsbare mensen die net iets te vaak hun hart volgen, niet nadenken over de gevolgen van hun daden, zich onvoldoende interesseren voor de zakelijke kanten van hun vak en niet gehaaid genoeg zijn om zichzelf te handhaven in een industrie die van oppervlakkigheid, opportunisme en onverschilligheid aan elkaar hangt. Muzikanten die het leven beschouwen als een countrysong.

Geen wonder dat ze zichzelf overeenkomstig gedragen. Dat Deacon zijn verdriet verdrinkt omdat hij niet bij zijn grote liefde kan zijn – zoals ook Hank Williams moet hebben gedaan: “There’s a tear in my beer / ‘cause I’m cryin’ for you, dear.” Of dat Rayna haar verstandshuwelijk na jaren opblaast, zoals Patty Loveless voor haar: “”And you don’t even know who I am. You left me a long time ago. You don’t even know who I am, so what do I care if you go.” Of dat Juliette alles doet om voor vol te worden aangezien – terwijl ze maar al te vaak wordt aangezien voor eenzelfde ‘Overnight Success’ als in het gelijknamige nummer van Zane Williams: “You sing about love or maybe love gone wrong / And you put your whole heart and soul into every song / You make Letterman Laugh and Leno Smile, stack your awards in a pile. And guess what’s next… Everybody calls you an overnight success.”

Met personages die gedreven worden door zulke intense emoties, kom je als schrijver vanzelf uit op een soort soap. Dan krijg je vanzelf een serie waarin mensen net zo makkelijk verliefd worden als van elkaar scheiden, alles op alles zetten om succesvol te worden om te ontdekken dat het eenzaam is aan de top en verlangen naar een eenvoudig bestaan maar niet zonder die grote ranch met paarden op te geven, en als artiest voor vol willen worden aangezien maar toch ook de top van de hitlijst willen bereiken. Zo’n serie is Nashville grotendeels geworden: een soort serie verfilmde countrysongs over countrymuzikanten. Meer dan ‘een serie met goede muziek en een matig verhaal’, met andere woorden. Het is eerder een serie met een verhaal dat perfect is afgestemd op de muziek.

Toch een goede serie, dus? Zeker. Wel is het jammer dat de makers zich in allerlei bochten hebben gewrongen om van Nashville meer te maken dan een countrysoap, en allerlei Dallas-en Dynasty-achtige verwikkelingen hebben opgenomen over het zakenimperium van de vader van Rayna en over de slinkse praktijken van haar man (later ex). Het schijnt dat de muziekproducent T. Bone Burnett om die reden zijn medewerking aan de serie heeft opgezegd: naarmate Nashville vorderde, ging het steeds minder over muziek en muzikanten en steeds meer over allerlei niet bijster boeiende politieke en zakelijke intriges.

T. Bone Burnett heeft gelijk: een remix van Nashville zonder die scènes zou een krachtige serie opleveren, zuiver en krachtig als een onvervalste countrysong.

Deel:

Geef een reactie