Oei, god bestaat waarschijnlijk niet (Over het atheïsme van Richard Dawkins)

Oei, god bestaat waarschijnlijk niet (Over het atheïsme van Richard Dawkins)

Ik zie een rode dubbeldekker rijden: te hard, te kort door de bocht en nog op de linker weghelft ook. En ik lees: “God bestaat waarschijnlijk niet, geniet van het leven” of woorden van dergelijke strekking op de plek waar anders whiskey of lingerie wordt aangeprezen.

God bestaat (waarschijnlijk) niet, ‘dus’ kun je gerust genieten van het leven, is de boodschap. Die ‘dus’ begrijp ik (dus) niet. Want: Is het leven zo veel prettiger als god niet bestaat? Valt er zo veel meer te genieten? Ik ben atheïst, maar bepaald geen feestvarken. En al helemaal niet iemand die in godslasterlijke taal van de daken schreeuwt dat het leven zonder god zo’n pretje is. Want dat is het leven zonder god helemaal niet.

Enkele argumenten voor god. Of liever gezegd enkele argumenten voor het geloof in god:

In de eerste plaats: geloof in god is wel handig als je wetenschap bedrijft. Want hoe komt wetenschappelijke kennis tot stand? Heel simpel: iemand bedenkt een theorie, toetst deze, doet een wetenschappelijke ontdekking, waarna andere wetenschappers zich op die oorspronkelijke theorie mogen storten (de Popperiaanse ‘trial and error’). En waar komt die oorspronkelijke theorie dan vandaan? Toegegeven, er zijn ook atheïstische wetenschappers van enige naam. Maar denk eens aan al die diepgelovige wetenschappers, die overtuigd zijn dat er een bepaalde logische, systematische, harmonieuze orde bestaat in de dingen die ze onderzoeken.

In de tweede plaats geeft het geloof in god het idee dat het leven zin heeft, jouw leven in het bijzonder. Het idee dat het niet allemaal niets is, dat ons bestaan ergens toe dient, een doel heeft. En (dus?) dat jij in overeenstemming met dat doel kunt leven. Geloof is een handige pijler om een samenleving op te bouwen, een huwelijk te stutten en om een carrière op te baseren.

In de derde plaats biedt het geloof (of liever gezegd sommige vormen geloofsvarianten) het idee dat het leven rechtvaardig is. Dat je beloond zult worden als je je gedraagt volgens de richtlijnen van het geloof. Hier op aarde (‘wie goed doet, goed ontmoet’, zoals een geloofsartikel luidt) of in het hiernamaals (een ‘koninkrijk in de hemel’ of zo). En het mooiste is: die beloning valt je ook toe als je bent afgeweken van het ware geloof, als je fouten hebt gemaakt (het idee dat god ‘barmhartig’ is, ‘vergiffenis’ schenkt en wat dies meer zij). Als je maar je best doet!

Zonder geloof had Pythagoras z’n stelling op z’n buik kunnen schrijven, was die appel voor niets op Isaac Newtons hoofd gevallen en had Albert Einstein gedacht dat god dobbelt. Zonder geloof was menige samenleving ontwricht, huwelijk ontbonden en menige carrière niet van de grond gekomen. En zonder het – wat mij betreft benijdenswaardige – geloof heeft het leven geen zin en moeten we zelf zin maken. Als we niet meer in god geloven, dreigt existentiële twijfel.

Ik wil maar zeggen: God bestaat waarschijnlijk niet, een hele uitdaging.

Deel:

Geef een reactie