Oud jaar (Een ééngesprek)

Oud jaar (Een ééngesprek)

2005: Weer een jaar voorbij waarin je bijzonder weinig hebt gepresteerd.

Jan: Ach… wat zal ik zeggen.

2005: Weer geen boek geschreven, om maar wat te noemen. Knaagt het zo langzamerhand niet aan je?

Jan: Maar toch maar mooi bijna elke week een praatje geperst. En dat gezeur ‘wanneer schrijf jij nou eens een boek’? Alsof dat het hoogste van het hoogste is: weer een boek van een schrijver die niemand kent en niemand leest.

2005: Nee, dan liever praatjes op internet van iemand die niemand kent, met meningen die niemand interesseren.

Jan: Het verbaast me ook, maar een paar mensen zijn echt enthousiast, vooral in Polen. Daar doe ik het voor! En zoveel meningen heb ik niet. Gelukkig niet, we komen om in de meningen in dit domineesland. Nee, ik schrijf liever stukken die meer vragen oproepen dan dat ze beantwoorden.
Een beetje in de stijl van Montaigne. Heb ik weliswaar niet gelezen, maar ik heb een goede indruk uit de tweede hand: het mooie Schrijven met Montaigne van Tanny Dobbelaar, wat mij betreft het boek van het jaar (non-fictie). Ex-equo met Meesters in de filosofie van Frank en Maarten Meester. Heerlijk, die dialogen: de geschiedenis van de filosofie als debat zonder einde. En een elegante stijlvorm om geen mening te verkondigen: gewoon twee tegengestelde stemmen laten horen. Ga ik ook eens toepassen…

2005: Twee boeken waar je nu hoog van opgeeft, maar waar je dit jaar helemaal geen aandacht aan hebt besteed?! Opnieuw gefaald!

Jan: Het is waar, het is nu eenmaal eenvoudiger te schrijven over zaken die me niet na aan hart liggen. Dan is de druk om er echt wat goeds van te maken minder groot. Maar ik doe mijn best, alleen lukt het vaak niet. Zoals bij ‘The Staircase’, mijn favoriete documentaireserie van dit jaar, over die schrijver Michael Peterson die veroordeeld werd voor de moord op zijn vrouw. Om geen andere reden dan dat het niet zo’n aardige man was en nog bisexueel ook. Had ik graag over willen schrijven, maar ik kon niets anders verzinnen dan een aanklacht tegen het gekke Amerikaanse jurysysteem. Niet bepaald origineel of interessant.

2005: Tja, je had misschien kunnen kijken in hoeverre de maker een eenzijdig beeld heeft gegeven. Hij was wel erg op de hand van die Michael Peterson. Jij natuurlijk ook, als would be schrijver die zijn vrouw heeft verloren… Zoals het ook niet zo vreemd is dat je dweept met die zanger met die nasale stem en die sombere deuntjes.

Jan: Richard Thompson bedoel je? Front Parlour Ballads? De plaat van het jaar. Niet de plaat met z’n beste nummers, maar wel z’n beste: een sfeervolle eenheid, vol weemoedige levensliederen. En de bekende wrange humor: Sometimes I long for the solitary life / Parents long gone, no kids, no wife / Sister somewhere in Australia / Never did keep in touch / Sex no more than a how-do-ye-do / With a copy of Tit-Bits in the loo / Socially a bit of a failure / Nice not to have to try too much.

2005: En bij z’n platenmaatschappij waren ze zo enthousiast over deze man dat ze hem maar gedumpt hebben. Ik zou m’n lezers er maar niet te veel mee lastig te vallen, hier zit werkelijk niemand op te wachten.

Jan: Misschien iets over de films van het jaar? Een paar weken geleden heb Eternal Sunshine of the spotless mind gezien. Nog nooit is Nietzsches theorie over de eeuwige wederkeer van het gelijke zo schitterend verbeeld.

2005: Een film van vorig jaar, als het niet het voor-vorige was. Je loopt ook werkelijk in alles hopeloos achter. Wat een loser.

Jan: Je hebt me overtuigd, je was een verloren jaar. Maar ik heb nog een heel leven voor me. Voor jou vele anderen.

Deel:

Geef een reactie