Wie zoet is… (De ondergang van Jamin)

“Bij familiebedrijven bouwt de eerste generatie iets op, de tweede generatie bouwt dit uit en de derde breekt het af”, aldus presentator Hans Goedkoop van ‘Andere Tijden’ van de week, in een aflevering over de ondergang van het familiebedrijf Jamin. Het is de vraag of deze uitspraak altijd opgaat, maar hier was het inderdaad de derde generatie die het bedrijf ten grave droeg.

Toen de kleinzoon van de oprichter aantrad – niet lang na de Tweede Wereldoorlog – had Jamin eigen fabrieken die tientallen producten maakten voor de honderden snoepwinkels. Toen de laatste ‘meneer Jamin’ vertrok, was het bedrijf op sterven na dood. Een paar jaar later, aan het einde van de jaren zeventig, werd het voor het symbolische bedrag van 1 gulden verkocht en gleed het af tot een pietepeuterig onderdeel van Ahold.

Jamin verkocht alleen maar snoep, en dan nog uitsluitend van eigen fabricaat. Opkomende merken (Mars, Nuts, noem maar op) kwamen er niet in bij de directeur, die even ongenaakbaar als kortzichtig was. Hij wilde ook niet dat de producten van Jamin elders werden verkocht – niet onder de Jamin-vlag, en al helemaal niet als huismerk van concurrenten als Albert Heijn).

Die strategie was dodelijk, want de opkomende supermarkten verkochten net zulke goede producten als Jamin, en dan nog van meer aansprekende merken. Misschien was het assortiment wat minder uitgebreid, maar dat woog niet op tegen het gemak van de supermarkt waar je alles tegelijk kon halen, betalen, inpakken en wegwezen. Een tijdlang kon Jamin nog concurreren met extra service: het praatje met het winkelpersoneel, één onsje of zelfs een half onsje van allerlei verschillende chocolaatjes. Maar nadat Jamin was overgestapt op zelfbediening en voorverpakt snoep, was het gedaan met dit laatste restje klantgerichtheid en ging het bedrijf in hoog tempo ten onder. Het ene na het andere filiaal sloot de deuren. Het ene na het andere personeelslid werd ontslagen.

Hoe het verder ging met Jamin kwam niet aan de orde in ‘Andere Tijden’. Maar het verhaal laat zich kort samenvatten. Jamin kwijnde verder weg. Ahold – dat het nu zelf zwaar te verduren heeft door boekhoudschandaal, een kopersstaking, oplevende concurrentie en geldproblemen – heeft onlangs toegestemd in een ‘buy out’ van het management van Jamin, onder voorwaarde dat meer dan de helft bij Ahold wordt ingekocht.

Ik heb zelf onlangs zitting gehad in een jury die een prijs moest toekennen voor de beste ‘buy out’ van het jaar. Mijn keuze viel op Jamin. Ik geloof ook werkelijk dat de kansen voor een gespecialiseerde bedrijf als Jamin eindelijk ten goede gekeerd zijn. Anders dan in de jaren vijftig tot zeventig hebben generalisten zoals V&D en Albert Heijn het moeilijk, terwijl er meer ruimte is voor allerlei speciaalzaken. Wat dat betreft zijn het echt ‘Andere Tijden’.

De grootste bedreiging is nu misschien wel het hoge verloop van het personeel: de band met Jamin is zeer gering. Dat is wel wat wrang als je bedenkt dat de mensen die toen ontslagen zijn zeer velen ‘hart voor de zaak’ hadden. Zoals die filiaalhoudster die alleen woonde, elke dag overwerkte, elk jaar weer met veel liefde een Sinterklaas-etalage inrichtte, voor wie kortom ‘Jamin haar alles was’. Met mensen zoals zij is destijds zeer slordig omgesprongen. Maar zo gaat dat nu eenmaal. Wie zoet is krijgt niet altijd lekkers; haar lot is van Alle Tijden.

Deel:

Geef een antwoord