Brother & Bones: Luidruchtig, introspectief en verstild

‘Snow’, het nieuwe album van Brother & Bones, staat vol met stadionrock met een folktintje. Maar de groep is veelzijdiger dan het album doet vermoeden.

“Check these guys out”, schijnt de succesvolle singer-songwriter Ben Howard over Brother & Bones te hebben gezegd. De Londense band heeft in de afgelopen jaren op uitnodiging van Howard in diens voorprogramma gestaan, en getoerd met groepen als de Kaiser Chiefs en The Boxer Rebellion. Sinds de oprichting in 2011 heeft de vijfkoppige band diverse nummers en EP’s uitgebracht, en eind augustus verschijnt de eerste langspeelplaat, ‘Snow’. Een album dat waarschijnlijk zal worden vergelen met Mumford and Sons, maar helemaal terecht is dat niet, zegt zanger Richard Thomas. “Al moet ik zeggen dat ze met hun laatste album muzikaal gezien een flink eind onze kant op zijn gekomen”, grapt hij.

‘Snow’ staat vol met stadionrock met een folktintje, geïnspireerd door allerlei artiesten. Thomas noemt een hele rits namen op, van Led Zeppelin en John Martyn tot Rage Against the Machine. In nummers als ‘Kersosene Love’ hoor je die allemaal terug, vooral in het gedreven gitaarwerk James Willard en de stuwende zang van Thomas.

Volumeknop
Een bewuste, commerciële keuze om stadionrock te maken? Het zou niet zo gek zijn: als muzikant moet je het tegenwoordig eerder van de inkomsten uit live-concerten hebben dan van de platenverkoop. Logisch dus dat je je muziek geschikt maakt voor grootschalige evenementen. Toch?

“Nee, helemaal niet”, zegt Thomas. “Ik kan me voorstellen dat ‘Snow’ die indruk wekt. De muziek is inderdaad een stuk luider dan veel van het materiaal dat we in het verleden hebben uitgebracht.” Op de plaat staan bovendien een paar oude nummers, zoals ‘For All We Know’ en ‘To be Alive’, die er stuk voor stuk om vragen om de volumeknop volledig open te draaien.

“Maar het is om muzikale redenen dat de muziek zo stevig klinkt, niet om commerciële redenen: we wilden een aantal nummers per se op de plaat hebben, en die waren nogal luid en klonken het beste samen met andere luide nummers. Ik heb ook geen idee of de nummers commercieel potentieel hebben. We zingen niet over dat we graag bier drinken en meisjes achterna zitten, onze muziek heeft vreemd genoeg altijd een introspectief en verstild karakter – en ik kan me voorstellen dat dit een doorbraak naar het grote publiek in de weg staat. Het zij zo. De kwaliteit van de muziek staat voorop, het is niet onze bedoeling zo groot mogelijk te worden.”

‘Open mind’

Trouwens, rustige nummers heeft Brother & Bones in overvloed, stelt Thomas.

“Je zou het niet zeggen als je naar ‘Snow’ luistert, maar we hebben juist heel veel materiaal liggen dat veel folkier is en minder hard. Ik zou zeggen: kom met een ‘open mind’ naar een van onze concerten en verrassen. We spelen niet alleen nummers van onze laatste plaat, maar – afhankelijk van hoe de avond verloopt – juist ook veel materiaal dat we nog helemaal niet hebben opgenomen. Ook wat dat betreft zijn we helemaal geen typische stadionband: die zou het niet durven om af te wijken van hun standaardrepertoire.”

Deel:

Geef een reactie