Dixie Chicks: alsof ze nooit zijn weggeweest

Opeens zijn ze er weer: de Dixie Chicks. Zonder nieuw album, maar met een grote, wereldwijde, tour. Om te beginnen in Europa. Deze week waren ze voor het eerst ook in Nederland, twee keer in een uitverkochte Heineken Music Hall. Hoewel de groep tien jaar ‘on hold’ heeft gestaan, is er weinig veranderd.

“Kan God een steen maken die hij niet kan optillen?”

“Natuurlijk! God is almachtig, dus zo’n steen kan hij makkelijk maken.”

“Zondaar! God kan elke steen optillen, dus zo’n steen kan eenvoudigweg niet bestaan.”

“Zondaars, allebei! Hoe durven jullie je uit te spreken over God? Hij machtiger dan jullie kunnen bevatten. Waag je dus niet aan uitspraken over wat Hij kan en niet kan.”

Over dit soort middeleeuwse discussies kun je je vrolijk maken: dat die monniken zich over dit soort futiliteiten druk maakten. Je kunt somber van dit soort haarkloverijen worden: dat ze om dit soort zaken elkaar de huid vol scholden of nog erger. En bovenal kun je je erover verbazen: dat mensen vroeger zo primitief konden zijn, zo onontwikkeld, zo volhardend in hun principes dat het hun vermogen om zich te verplaatsen in de ander volledig vertikte.

Nee, dan zijn wij heel wat minder rechtlijnig en bekrompen. Ja, dan zij wij heel wat verdraagzamer en ruimdenkender. Heel wat beschaafder. Toch?

Hatelijkheden

Je zou het niet denken als je een willekeurig filmpje van de in Nederland niet bijster bekende Dixie Chicks op YouTube ziet, of een artikel over de groep. Zelden zoveel hatelijke reacties gezien, en – het moet gezegd – zelden zoveel tegenreacties van mensen die het voor de groep opnemen. Wat is hiér aan de hand?, denk je dan als buitenstaander. Dan blijkt dat nogal wat mensen het de leadzanger de Dixie Chicks, Natalie Maines, kwalijk nemen dat ze jaren en jaren geleden (in 2003) zich tijdens een tour in het buitenland liet ontvallen dat ze het niet eens was met de Amerikaanse inval in Irak. En dat ze zich schaamde voor haar president, George Bush – die ook nog eens uit Texas kwam, net als zij.

Een tikje minder opruiend dan ‘Let’s impeach the president’ van Neil Young. Niet zo godslasterlijk als ‘The Beatles are more popular than Jesus Christ’ van John Lennon. En zeker niet bedoeld als sympathiebetuiging voor de (politieke) Islam of Al Quaeda – wat je je van een nummer als John Walker Blues van Steve Earle nog kunt voorstellen.

Zou je zeggen. Maar daar denken veel mensen anders over. Dat wil zeggen: veel Amerikanen, naar het schijnt vooral Amerikanen uit het Zuiden van de VS. Het achterlijke Zuiden zeggen ze wel eens (een cliché), bevolkt door ‘rednecks’ die bier drinken (nog zo’n cliché), stemmen op de Republikeinse partij (idem). Die bovendien de hele dag door luisteren naar countrymuziek. Te dom om voor de duvel te dansen, en tijd genoeg om te reageren op de opmerking van countryster Natalie Maines over Bush. Tot de dag van vandaag.

“Ze zegt wel dat Bush ongelijk had, maar over Obama hoor je haar niet. Terwijl die mooi wel in Syrië een kansloze oorlog voert.”

“Wat laf van haar om dat in het buitenland te zeggen. Moet ze hier eens doen.”

“The Commie Chicks”

Dat niveau.

Radiostilte

Na de onophoudelijke kritiek – misschien is vuilspuiterij een beter woord, het ging tot aan doodsbedreigingen toe – leek de groep er het bijltje bij neer te gooien. In 2006 kwamen ze nog met een album, het wisselend ontvangen ‘Taking the Long Way’.

Natalie Maines kwam vervolgens met een soloplaat (het slappe ‘Mother’). De twee andere Dixie Chicks, de zusjes Martie en Emily Erwin, gingen verder als de Court Yard Hounds, zonder noemenswaardig succes. Country Music-radiostations draaiden de muziek van de Dixie Chicks niet meer. Verbijsterend, die radiostilte. Zeker als je bedenkt dat de groep de meest succesvolle vrouwelijke countrygroep aller tijden is, die in hun hoogtijdagen met gemak stadions vulden waar 70.000 mensen in konden en tientallen miljoenen albums hebben verkocht. Toch heeft de groep tien jaar ‘on hold’ gestaan.

Wereldwijde tour

Maar nu zijn ze er opeens weer. Zonder nieuw album, maar met een grote, wereldwijde, tour. Om te beginnen in Europa (“Laf, ze durven zeker niet in de VS op te treden”, wordt er meteen gereageerd op internet). Deze week voor het eerst ook in Nederland: twee keer in een uitverkochte Heineken Music Hall, voor hun doen een klein zaaltje.

Bijzonder om mee te maken, want wie had een paar jaar geleden kunnen denken dat de Dixie Chicks nog eens zouden samen komen? Boeiend ook, om te zien wat ze te melden hebben over hun terugkomst. Zou Natalie Maines wat zeggen over haar uitspraken van destijds? Dat valt tegen.

Maines heeft zich nooit gedistantieerd van haar kritiek op Bush; in het nummer ‘Not Ready to Make Nice’ maakt ze voor de goede verstaander duidelijk dat ze dat ook niet van plan is.

Duivel Trump

Daar blijft het bij. Tijdens ‘Goodbye Earl’ is op het videoscherm even een foto van Donald Trump met duvelshoortjes op te zien. En tijdens ‘Ready to Run’ zien we alle presidentskandidaten met clownsneuzen en pruiken op. Daar moeten we het mee doen. Politici zijn lachwekkend, aan welke kant ze ook staan: zoiets zal wel de boodschap zijn.

Muzikaal gezien is het ook weinig interessant. Zeker, de ‘Chicks’ kunnen wel wat. Natalie heeft wat je noemt een dijk van een stem, en de twee zusjes vullen haar mooi aan met hun achtergrondvocalen. Spelen kunnen ze ook, vooral het vioolspel van Martie springt eruit. Overduidelijk een zeer professionele groep muzikanten, die klinken alsof ze al jarenlang avond aan avond optreden. Alsof ze nooit zijn weggeweest. De meiden hebben bovendien echt alles uit de kast gehaald om het publiek te vermaken: een indrukwekkende lichtshow, de prachtigste achtergrondprojecties, zelfs een confettikanon.

En het moet gezegd, het publiek zingt en danst vrolijk mee. Maar het repertoire bestaat voor het grootste deel uit rechttoe, rechtaan countrypop, zonder kraak of smaak. Echt raken doen de meeste nummers niet. Even – als de Dixie Chicks gaan zitten met hun band voor een semi-akoestisch intermezzo – weten ze te ontroeren, met het Patti Griffin-nummer ‘Don’t Let Me Die in Florida’. Verder zijn er nauwelijks van dat soort verstilde momenten, al mag de cover van ‘Video Games’ van Lana del Rey er zeker zijn.

Feelgood muziek

De Dixie Chicks zijn vermoedelijk ook helemaal niet op uit op artistieke hoogtestandjes en al helemaal niet op als countrymuziek verpakte ‘agit prop’. De Dixie Chicks zijn typisch zo’n groep waar je heen gaat voor een avond onschuldig vermaak, om het spektakel, om virtuoze muzikanten aan het werk te zien en om ‘feelgood’ muziek tot je te nemen.

Niets mis met deze niets-aan-de-hand muziek, helemaal niet. Wel is het wrang dat juist Dixie Chicks zoveel opschudding teweeg hebben gebracht. Want de muziek van de Dixie Chicks is volstrekt vrijblijvend en ongevaarlijk. Geen protestsongs, geen provocatieve teksten à la Neil Young of Steve Earle, geen klankexperimenten à la The Beatles – er is echt niets schokkends of vernieuwends te bekennen. De Dixie Chicks hebben gewoonweg niet zo veel te melden, zo simpele is het. Je kunt je daarom ook afvragen of juist zij alle discussies en hatelijkheden wel waard zijn.

Trouwens, zoals de heilige monnik Thomas van Aquino al zei: “God wordt door ons niet beledigd, behalve door datgene wij tegen ons eigen goed doen.”

Deel:

Geef een reactie