Harry Potter en de angstige consument

Mensen willen bang zijn. Het lijkt er zelfs op dat de behoefte aan angst onder bisocoopbezoekers de laatste tijd een steeds belangrijker drijfveer wordt. Althans de behoefte aan het soort angst waarop Harry Potter inspeelt.

‘Men vreest de verliezen meer dan men de winsten begeert’, was de gevleugelde uitspraak van een hoogleraar economie aan de VU. Wat minder subtiel is de beurswijsheid dat angst en hebzucht elkaar afwisselen op de effectenmarkt. Maar ook hier is de strekking duidelijk: angst kan een sterke drijfveer vormen in het (consumenten)gedrag. Sterker dan nogal eens wordt aangenomen in de economische wetenschap, waar men van oudsher geneigd is om de nadruk te leggen op de hebzucht die mensen ertoe aanzet om bezit te vergaren.

Door angst gedreven consumenten zijn niet primair gericht op het vergaren van bezit. Eerder proberen ze het bezit dat ze in het verleden hebben vergaard veilig te stellen. Zoals bange beleggers die aandelen verkopen om hun verlies te beperken. Zoals bange consumenten die zich verzekeren omwille van hun gemoedsrust. Of zoals bange burgers die hun huis beveiligen tegen de boze buitenwereld.

Maar mensen vluchten niet alleen voor hun angst, ze zoeken de angst ook juist op. De ‘thrillseeker’ in ons wil bungyjumpen, zich overgeven aan ‘extreme sports’ en griezelfilms bezoeken. Er wordt wel eens gesuggereerd dat dit thrillseeken typisch een bijverschijnsel is van de hoogconjunctuur. In mindere tijden heeft men het te druk met het verdienen van het dagelijks brood om zich over te geven aan spannende extremiteiten. Men zoekt eerder ontspanning in de ontsnapping. Denk aan de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw, aan het escapisme van de mierzoete Hollywood-films uit de jaren dertig en veertig – de musicals, en de zang- en dansfilms voorop.

Misschien dat ook de huidige populariteit van de eerste Harry Potter-film samenhangt met eenzelfde soort escapisme als dat van bezoekers aan die zwijmelfilms. In elk geval wordt wel gesuggereerd (o.a. door trendwatcher Carl Rohde) dat de Harry Potter-rage een reactie is op de huidige (economische) onzekerheid, die is versterkt door de terreuraanslagen in de V.S.

Op het eerste gezicht is deze verklaring misschien niet erg geloofwaardig. Want het gaat er in Harry Potter bepaald niet lief en zachtzinnig aan toe. Er wordt hard aan elkaar getrokken tijdens een spel zwerkbal en er vallen klappen als een trol binnendringt in de school voor aspirant-tovenaars in Zweinstein.

Maar toch – misschien zit er wel iets in. Zo eng is Harry Potter namelijk nu ook weer niet. Het ongebreidelde geweld van een Tarantino is ver te zoeken; de angstgevoelens die Potter oproept laten zich goed beheersen. Zoals theoloog Bert Jan Lietaert Peerbolte in NRC Handelsblad zegt: Harry Potter biedt ruimte voor escapisme. Niet alleen omdat het publiek ‘lekker’ kan wegdromen in een fantasiewereld, ook omdat Harry Potter zo overzichtelijk is. “Het verschil tussen goed en kwaad is volstrekt duidelijk.”

Met andere woorden: Harry Potter moge dan angstwekkend zijn, het is ook heel geruststellend. Het speelt in op de behoefte aan een zwart-wit onderscheid tussen goed en kwaad, aan duidelijkheid wie een held is en wie een schurk. En op de behoefte aan zekerheid dat het goede het kwade overwint. Die behoeften zijn van alle tijden, maar in tijden van verwarring laten zij zich nadrukkelijk voelen.

Artikel voor eYe

 

Deel:

Geef een reactie