Het beste dat hem kon overkomen (Over de diskwalificatie van Joost Klein)

Het beste dat hem kon overkomen (Over de diskwalificatie van Joost Klein)

Als ik het goed begrijp, heeft Joost Klein een orfische opvatting van het leven. Dat maak ik tenminste op uit de tekst van zijn lied Europapa en zijn toelichting op het nummer toen hij het introduceerde bij Arjen Lubach en uit het commentaar van analisten. De titel Europapa doet denken aan hoempapa en de muziek doet feestelijk aan, maar vergis je niet: met Europapa neemt Klein afscheid van zijn jong overleden ouders en sluit hij een moeilijke periode in zijn leven af. Dat doet hij door radicaal te breken met het verleden – in de clip gesymboliseerd door dat hij zijn woonhuis in brand steekt. Daarmee gaf hij te kennen dat zijn ouders hem altijd dierbaar zullen blijven, maar dat hij het verdriet om hun vroegtijdige dood niet langer wil meetorsen. Dit einde is meteen ook een nieuw begin: Klein denkt als een soort feniks uit de as te kunnen herrijzen, als een soort Orfeus uit de onderwereld te kunnen terugkeren.

Europapa is – best wel – een diepzinnig nummer. Te diepzinnig voor het Eurovisie Songfestival. Want de nummers die het op het songfestival goed doen, zijn meestal kitscherige dertien-in-een-dozijn liedjes die moeten het vooral hebben van gespeelde emoties – oproepen tot vrede, vreugde over de zon die opkomt, verdriet over een niet nader genoemde, afwezige geliefde – of geëxalteerde mini-opera’s waarin met veel pompeus vertoon wordt geprobeerd een gebrek aan fantasie en zeggingskracht te maskeren. Niet voor niets gaven bookmakers het nummer van tevoren weinig kans op een overwinning; een vijfde plaats was al mooi geweest. Europapa was én te oprecht én te conceptueel om bovenaan te eindigen. Het is een klein (pun intended) wonder dat Europapa überhaupt de finale heeft gehaald; welbeschouwd hoorde het niet thuis op het songfestival.

Dat Klein is gediskwalificeerd is daarom ook geweldig nieuws. Het bevestigt dat hij niet op z’n plaats was te midden van die verzameling ‘over the top’ acterende middelmatige artiesten. Het vergroot zijn geloofwaardigheid als serieus kunstenaar, die werkelijk zijn ziel bloot legt in zijn muziek en dat met een enorme zeggingskracht doet. Die het bovendien als een waarachtige artistieke rebel durfde op te nemen tegen de bureaucraten die het songfestival denken te kunnen domineren (nou ja, in elk geval tegen de cameravrouw die deze bureaucraten vertegenwoordigde). De diskwalificatie biedt Klein een uitstekende uitgangspositie om zich verder te ontwikkelen – om als een moderne Orfeus de hel van het Eurovisie Songfestival achter zich te laten en tot nieuwe muzikale hoogten te stijgen.

Allemaal beter, veel beter, dan wanneer hij ergens in de middenmoot was geëindigd in Malmö. Dan was hij teruggekeerd naar Nederland als de man van dat ene, weinig geslaagde liedje. En zoals dat gaat, had hij hier tot in lengte van dagen Europapa moeten zingen op bruiloften, braderieën en bejaardensozen en was hij langzaam weggekwijnd. Nu heeft hij de aandacht van heel Europa. Klein had al enig succes buiten Nederland, maar dan toch vooral in het alternatieve circuit. Nu kan hij tot de ‘mainstream’ doordringen, en daarmee uitgroeien tot een van de weinige Nederlandse artiesten die van hun kunst kunnen leven. En dat allemaal zonder concessies te doen aan zijn artistieke integriteit. Het is artistiek en commercieel gezien een ‘blessing in disguise’. Het beste dat hem had kunnen overkomen.

Je zou bijna denken dat Klein – die bekendstaat als perfectionist, die niets aan toeval overlaat – dit zelf ook allemaal zo heeft bedacht. Hoe dan ook: douze points pour Joost Klein, zolang hij maar niet opnieuw probeert mee te doen met het Songfestival.

Beeld van Feniks in Yves Klein Blauw, geïnspireerd door Jean Cocteau. Zelf gebakken met Dall-E 3. Mooi dat het eruit ziet als een Delftsblauwen tegeltje!

Deel:

Geef een reactie