Patrick Vermeren over het Dodo-bird effect

Therapeuten van allerlei slag en school verwijzen steevast naar het zogenaamde Dodo-bird effect in de therapie. Een serie studies – die nog steeds veel worden geciteerd – leken aan te tonen dat alle psychotherapieën ongeveer even werkzaam zijn. In 1936 (nog voor de huidige statistische technieken op punt stonden en het bestaan van medische beeldvorming zoals PET-scan, fMRI-scan enz.!) concludeerde Rosenzweig – in wat nu dus een methodologisch slechte studie zou genoemd worden – dat alle psychotherapievormen even efficiënt zijn.

Voor deze therapieën was dus ‘iedereen een winnaar’, waarbij hij het personage Dodo uit Lewis Carroll’s Alice’s Adventures in Wonderland (1865) persifleerde. Dodo was de vogel die in een loopwedstrijd tactvol declareerde dat iedereen een winnaar was, nadat alle deelnemers aan de loopwedstrijd in alle richtingen waren vertrokken en er geen enkele meting was gebeurd hoe lang en hoe ver de deelnemers hadden gelopen.

Dit was koren op de molen van de aanhangers van oude theorieën en therapievormen die stilaan meer onder vuur begonnen te liggen (zoals momenteel het geval is met alle therapievormen gebaseerd op de psychoanalyse van grondlegger Freud, meestal psychodynamisch genoemd ) en bovendien hadden ze nu een schitterende metafoor: het Dodo-bird effect. Enkele zogenaamde meta-analyses die dit Dodo-bird effect zogenaamd bevestigden, passeerden vervolgens de revue. Bij latere analyse echter bleken deze meta-analyses vaak ernstige fouten te bevatten.

Patrick Vermeren (geloof ik. Afkomstig van zijn site evidencebasedhrm.be in elk geval).

Deel:

Geef een reactie