Rusland: een energiereus wordt wakker

De Europese Unie wordt de komende jaren nog afhankelijker van buitenlands olie en gas. Nu wordt 50 procent van onze energie geïmporteerd, in 2030 zal dat rond de 70 procent zijn. Vooral de afhankelijkheid van Rusland neemt toe, zeker als het gaat om het voor de opwekking van elektriciteit zo belangrijke gas. Wat betekent dit voor onze energietoevoer?

“De landen van de Europese Unie moeten uitkijken dat ze voor hun gasverbruik niet al te zeer afhankelijk worden van leverancier Rusland en het doorvoerland Oekraïne. Dat zou de energietoevoer kunnen bedreigen.” Waarschuwende woorden van het Internationale Energie Bureau (IEA) eind vorig jaar in een uitgebreide studie naar het energiebeleid van de EU-landen (zonder de nieuwe lidstaten).

Inderdaad neemt de afhankelijkheid van Rusland in hoog tempo toe. Uit een rapport van de Europese Commissie (Towards a European strategy for the security of Energy Supply) neemt de importafhankelijkheid van energie de komende jaren toe van 50 tot 70 procent van de energiebehoefte. Goed nieuws voor de grote exporteurs van de toekomst: Rusland, de landen in het Kaspische Zee-gebied en rondom de Perzische Golf.

Vooral Rusland kan van de energiehonger van de EU profiteren. Rusland is sowieso de belangrijkste energieproducent ter wereld en is nu al goed voor 35 procent van het gas en 23 procent van de olie die de Europese Unie importeert. Vooral het potentieel van Rusland als gasexporteur is ongekend: bijna een derde van gasreserves van de wereld bevinden zich in Rusland. En sinds de koppeling van gasnetten van Oost en West na de val van de Muur en de ondergang van de Sovjet-Unie is de import uit Rusland vergemakkelijkt. Naar schatting van het IEA zal Europese energieverbruik in 2030 voor 32 procent uit gas bestaan. Het aandeel van Rusland hierin zal zeker stijgen, zegt Erik Janssen, die zich als onderzoeker bij het Nederlandse Instituut voor Internationale Betrekkingen Cligendael bezig houdt met energievraagstukken in relatie met Rusland. “Misschien wel tot 40 procent.” Zeker voor grootafnemers als de elektriciteitsbedrijven – die mede uit milieuoverwegingen steeds meer gas gebruiken om elektriciteit op te wekken – is die toenemende dominantie Rusland van belang.

Maar wat zijn de gevolgen precies? Onder president Poetin lijkt Rusland bovenal economische en politieke munt te willen slaan uit zijn energievoorraden. Dit bleek bijvoorbeeld bij de veelbesproken ondergang van het energieconcern Yukos, dat tot vorig jaar onder leiding stond van Mikhail Khodorkovski, een politieke tegenstander van Poetin. De activa van Yukos werden grotendeels overgenomen door staatsoliebedrijf Rosneft. Khodorkovski is veroordeeld wegens fraude en belastingontduiking. Met andere woorden: Poetin heeft Yukos in feite genationaliseerd en tegelijkertijd een politieke tegenstander ‘kaltgestellt’. Ook internationaal gezien gebruikt Rusland zijn olie- en gasvoorraden om politeke en economische doelstellingen te bereiken. Al enkele jaren stuurt Poetin bijvoorbeeld bij de EU aan op opheffing van handelsbarrières en al jaren probeert hij de positie te versterken van Rusland als producent annex exporteur van elektriciteit.

Leiband

De opmars van Rusland als energiegrootmacht inspanningen lijken op het eerste gezicht misschien vooral een bedreiging te vormen voor de Europese Unie. Het land staat nu niet bepaald te boek als een wonder van politieke en economische stabiliteit. Het is goed mogelijk dat Rusland een onrustige tijd tegemoet gaat, en dat daarmee onze energietoevoer onzeker wordt. “Al is Rusland tot dus ver een betrouwbare energieleverancier gebeleken, die zijn contracten nakomt”, zegt Janssen. “En als het om stabiliteit gaat zijn andere energie-exporterende landen en regio’s (het Midden-Oosten, de Kaspische zee) niet beter, eerder slechter. En Europa is ook intern verdeeld.”

Het toenemende belang van Rusland als energieleverancier biedt bovendien kansen. Tenslotte wordt Rusland ook afhankelijker van Europa als handelspartner. Tachtig procent van de Russische energie-export gaat richting EU, waarmee Europa, zo zou je kunnen zeggen, nu al Ruslands grootste klant is. En Europa verkeert nog altijd in de positie dat het een beroep kan doen op andere leveranciers, zij het dat dit niet makkelijk is. Politiek gezien hoeft Europa niet aan de leiband van Poetin te lopen – en doet dat ook niet, zoals wel bleek uit de recente steun van Europa aan Viktor Joestsjenko bij de verkiezingen in de Oekraïne, in weerwil van Poetins voorkeur voor Janoekovitsj. Economisch gezien liggen er ook enorme mogelijkheden. Om zijn energie-infrastructuur te financieren, moet Rusland bijvoorbeeld 715 miljard euro vrijmaken tussen nu en 2020. En dat bedrag kunnen de Russen niet bijeenkrijgen zonder de steun van buitenlandse machten. Het investeringsklimaat is momenteel onanaantrekkelijk. Veel Russische politici zijn bang dat de buitenlandse bedrijven voor een fooi toegang zullen krijgen tot de natuurlijke rijkdommen van hun land – zoals handige zakenjongens in de jaren negentig ook hebben gedaan, Khodorkovski toen hij Yukos voor een fractie van de werkelijke waarde kocht voorop. Die politici willen helemaal geen buitenlandse investeringen. En, misschien nog wel belangrijker, veel bedrijven zijn sinds de val van Yukos huiverig om geld te investeren in Rusland.

Aan de andere kant wil de minister van economische zaken wil energiebedrijven lokken en heeft Poetin beloofd met nieuwe regels te komen voor investeerders. En Rusland blijft aantrekkelijk in de ogen van bedrijven. Zo heeft Shell het energiebedrijf Gazprom (sinds kort voor 10 procent in handen van de Russische Staat) 25 procent van de aandelen gegund in het gasveld Sachalin 2, één van de drie grote energieprojecten in Rusland die tot voor kort volledig in buitenlandse handen waren. Shell verwerft 50% in het grote gasveld Zapolyarnoye in Siberië. In zekere zin kiest Shell hiermee eieren voor zijn geld: nu het Kremlin zijn greep op Ruslands natuurlijk grondstoffen herneemt, is een joint venture met Gazprom politiek gezien heel verstandig. Daarnaast kan het in de toekomst wellicht nog andere gasvelden meeontginnen. Het aloude ‘if you can’t beat them, join them’, met andere woorden, dat gezien de goede perspectieven voor Rusland als energieleverancier wel eens een heel lucratieve houding zou kunnen zijn.

(Achtergrondartikel voor Newton, sponsored magazine van E.ON)

Deel:

Geef een antwoord