De kunst van het loslaten (Controle versus vertrouwen)

De kunst van het loslaten (Controle versus vertrouwen)

Zou je de teloorgang van de ‘high-trust society’ kunnen keren door meer controle? En daarmee herstel van vertrouwen bewerkstelligen, die vrijwel opgedroogde bron van welvaart? In Vers Geperst 48 van vorig jaar over vertrouwen is die oplossing niet eens besproken, terwijl deze toch zo voor de hand ligt en simpel is.

Heeft een medewerker zijn ‘targets’ gehaald, heeft hij niet uit de kas gegraaid – gewoon even kijken en je weet zeker of je te maken hebt met iemand die je kunt vertrouwen. Bewakingscamera’s, mensen die waken over uw en onze veiligheid, noem maar op. Controle is een manier om het kaf van het koren te scheiden, de mensen die wel en de mensen die geen vertrouwen verdienen.

Simpel, inderdaad, maar zo werkt het niet. Hoe meer vertrouwen je hebt in iemand, hoe minder je geneigd zult zijn om controle uit te oefenen. Vertrouwen verhoudt zich tot controle als geloof tot de empirische wetenschap. Wie in god gelooft, hoeft geen wetenschappelijk bewijs. Wie een wetenschappelijk bewijs wil, twijfelt aan het bestaan van god. En zo is het ook hier: controle getuigt van wantrouwen.

En dat heeft z’n uitwerking op het gedrag die je controleert en wantrouwt. Bijvoorbeeld op het werk. Vertrouwen is stimulerend, wantrouwen is dodelijk voor het eigen initiatief, enthousiasme en arbeidsvreugde van medewerkers. Zijn die belangrijk, zoals in bedrijven die hun werknemers hopen te ‘empoweren’? Dan is controle een middel om zo veel mogelijk te mijden. Met alle risico’s van dien: hoe minder je toetst, hoe minder zekerheid je hebt of vertrouwen op z’n plaats is.

Wat te doen? Het – toegegeven – halfzachte advies in mijn kerstoverpeinzing was: treed anderen met vertrouwen tegemoet, maar wees erop bedacht dat dit vertrouwen misschien wordt geschonden. En zo is het! Ik zou eraan willen toevoegen: en beperk de controle tot een minimum, beschouw het als een noodzakelijk kwaad in deze tijd waarin blind vertrouwen helaas passé is. Vermijd in elk geval dat mensen het gevoel krijgen dat ze voortdurend in de gaten worden gehouden en op de vingers getikt kunnen worden. Controleer bijvoorbeeld zo veel mogelijk achteraf: zijn bepaalde doelstellingen behaald, zo nee waarom niet etc.

Leidinggevenden geven daarmee mogelijkheden om snel in te grijpen uit handen. Maar soms bereik je meer door nalatigheid dan door daadkracht.

Deel:

Geef een reactie